Op de fiets naar kantoor besef ik het ineens. De dingen die in mijn eerste maand nog zo indrukwekkend en overweldigend leken, ben ik nu gewoon aan het doen. Ik heb mijn draai gevonden en om eerlijk te zijn, het gaat best goed. Ik ben inmiddels zo’n honderd dagen aan het werk bij Maatschap voor Communicatie: een klassiek moment om even stilte staan en terug te kijken.

Is er veel veranderd sinds ik de Universiteit Utrecht verliet om voor een klein adviesbureau te gaan werken? Ja en nee. Werken voor een adviesbureau zoals de Maatschap betekent dat je veel voor en bij verschillende opdrachtgevers aan het werk bent. Die afwisseling had ik nog niet ervaren en vind ik prachtig.

De opdrachten die ik nu vooral doe, zijn bij grote non-profit- en overheidsorganisaties. En die zijn wel weer vergelijkbaar met een universitaire omgeving. Qua dynamiek, grootte en werkcultuur is het heel herkenbaar en vertrouwd.

Teamgevoel
Waar ik vooraf heel benieuwd naar was, was wat al die verschillende opdrachten en werkplekken doen met je teamgevoel, het gevoel ergens bij te horen. En wat blijkt: een deel van de mensen met wie ik bij opdrachtgevers samenwerk, voelt al als collega’s. Ook al ben je ‘een externe’, je wordt snel opgenomen in een team en als samenwerkingspartner gezien.

Op het thuishonk bij HNK, tref ik mijn Maatschapscollega’s: een heel hecht team van professionals, dat elkaar ook buiten werk graag treft. Maar hoe hecht het team ook is, de nieuweling hoort er vanaf dag 1 bij. Ik prijs mijzelf dus heel gelukkig; ik heb niet een tof team van collega’s, maar meerdere.

Overweldigend – voor even
De overstap van een communicatieafdeling naar ‘de bureaukant’ was best een grote stap. Zeker in de eerste twee maanden kwam er heel veel op me af waar ik nog niet eerder mee te maken had: facturen, offertes, begrotingen, onderaannemers, raamovereenkomsten.

Ik zal niet ontkennen dat dit soms overweldigend was. Hoe ga ik dit ooit onder de knie krijgen, dacht ik dan. Maar dan krijg je je eigen opdrachten, draai je mee met collega’s, vraag je ze de hemd van het lijf en besef je ineens, op de fiets ergens tussen thuis en kantoor, dat al die dingen al een tijdje niet meer overweldigend zijn.